De codewoorden, codegeluiden en commando’s van mijn peuter – en waarom ik ze niet accepteer

Het valt me op dat kinderen codewoorden en -geluiden hebben. Een bepaalde kreun betekent dat mama de superhero moet opstaan en komen helpen met iets. Schoenen worden voor me neergegooid met een net iets andere kreun. Dat betekent dat ik per direct overeind moet veren en de schoenen moet aantrekken. Ik hoor regelmatig codewoorden (of zinnen) als ‘honger’ en ‘ik heb dorst’ en ‘het lukt niet’ en ‘aaaahhhhhhhhhhhhhhh’.

Als moeder (als ouder) herken je alle codewoorden en codegeluiden en ben je bijna twee handen op één buik met je codetaal-voerende peuter en kind. Een hele tijd geleden ben ik echter gestopt met het begrijpen van de codetaal en alle facetten. Het is een taal die ik niet meer spreek.

Peuter: ‘Ik heb hoooooongerrrrrrrrr’.
Ik: ‘Ah!’.
Peuter: vreemde, wazige blik
Peuter: ‘Mam, hongeerrrrrrrrrr’
Ik: ‘Oh!’
Peuter: ‘MAAAAAAAAAM’
Ik: ‘Ik wil wel wat eten voor je maken. Ik wil alleen graag dat je het aan me vraagt met een rustige stem’
Peuter: ‘Mag ik wat eten?’
Ik: pakt eten.

Peuter: ‘IK WILLL NANAAAAAAAAA’ (banana)
Ik: ‘Ok. Hoe kun je dat rustig vragen?’
Peuter: ‘Mag ik alsjeblieft een banaan?’
Ik: ‘Ja, ik pak ‘m voor je’

Meer favoriete zinnen:
– Ik hoor het alleen als je je rustige stem gebruikt
– Hoe vraag je dat op een rustige manier?
– Kun je me dat vragen met een grote-jongens-stem? (of grote-meiden-stem?)
-(als reactie op een grote peuterkreun) Oh. Wil je wat vragen?

Ik ga niet in op codegeluiden, codetaal, commando’s en schreeuwpartijen. De reden is dat ik dat een onprettige manier van communiceren vind. Ik ben tenslotte hun moeder, geen slaaf of geen butler. Ik word er niet boos om, het zijn mijn kinderen die nog moeten oefenen. Wat betreft de rustige commando’s, vind ik het fijn wanneer ze leren om hun noden en wensen om te buigen tot een vraag. Daarnaast wil ik graag bij de heftige commando’s en schreeuwpartijen dat ze leren dat ik niet accepteer dat iemand zo tegen mij praat, en dat zij mogen leren dat we niet zo tegen elkaar praten en dat zij niet hoeven te accepteren dat iemand zo tegen hen praat. Het is voorleven én leren van een grens op gebied van eigenwaarde. Daarom zeg ik ‘ik kan je horen wanneer je stem zo rustig is als die van mij’.

Thuis is tenslotte de veilige, rustige omgeving om te oefenen. Mijn zoon commandeert me dagelijks tientallen keren, en ik vind dat ok. Het is een proces voor hem om dit te leren, en ik ben degene die hem dat kan leren, in die veilige leerschool genaamd huis. Ik kan hem geduldig helpen om deze gewoonte onder de knie te krijgen. Dat maakt het veilig om nieuwe skills te leren. Er is ruimte voor ontwikkeling, proces, vallen en opstaan. Het hoeft niet perfect en dat wordt het ook nooit, en daar kunnen we ook samen om lachen.

Ik wacht op de dag dat één van mijn kinderen tegen mij zegt: mam, ik kan je pas horen wanneer je stem zo rustig is als die van mij.

Die dag zal zeker komen – de dag dat zij niet accepteren dat hun moeder met een gefrustreerd hoofd tegen hun praat. Dat ze dat niet accepteren en weten dat ze waardevol genoeg zijn dat ze mogen vragen dat mensen (ook ik) normaal tegen ze praten.

Ik zie ernaar uit 🙂

2017-06-29T20:17:02+00:00

Over

Mijn leven in getallen: 31 jaar oud, 9 jaar getrouwd met Sebastiaan. Moeder van Keela (5), Judah (3) en Vanna (maart 2017). Niet perfect. Leert elke dag. Ik houd van grote dromen, nieuwe dingen, mooie mensen, lekker eten, persoonlijke ontwikkeling en uitdagingen.

Geef een reactie